![]()

Schoen zetten / Alles
door elkaar / Het grote boek is zoek
/ Alle Pieten slapen... /
Sinterklaas
krijgt een kado / Sinterklaas
snapt er niks van /
Verhalen
van andere mensen
e-m@il
ons
Bij het
feest van Sinterklaas, horen natuurlijk ook verhalen, nu zijn er al 16 verhalen
te lezen.
Hieronder zijn de verhalen die wij zelf hebben verzonnen te lezen, onder de
verhalen staat een kopje als het verhaal te downloaden is. Je krijgt dan een
Wordpad bestand te zien, die je kunt uitprinten.
Op de andere
pagina staan de verhalen die zijn ingezonden te lezen.
Klik bovenaan op een titel om er snel heen te gaan, om terug te komen klik je op naar boven.
Heb je zelf nog een leuk verhaal over het Sinterklaasfeest, mail ons die dan, dan komt die op de andere pagina te staan. Uiteraard zetten wij je naam erbij.

Thomas en
Jasper zijn twee broertjes en allebei bijna 5 jaar, zij zijn dus een tweeling.
Vandaag is Sinterklaas aangekomen in Nederland en Sinterklaas heeft gezegd dat
alle kinderen hun schoen mochten zetten. Maar dat moesten ze wel eerst even aan
hun ouders vragen.
Zo ook
Thomas en Jasper: "Mam, Pap, mogen wij vanavond ook de schoen zetten?"
"Ja", zegt mama, "maar ik weet natuurlijk niet of Sint en zijn
Pieten ook echt langskomen, want er zijn zoveel kinderen in Nederland en zij
kunnen natuurlijk niet overal tegelijk zijn."
"Ja, dat snappen wij wel, maar als wij nu een hele hele mooie tekening
maken en hooi en een wortel erbij doen voor Americo, dan komen ze vast wel
hier", zegt Jasper. Papa begint te lachen. "Ja, dat zou kunnen helpen,
maar niet boos worden als Sinterklaas vanavond geen tijd heeft", zegt hun
vader dan. "Dat geeft toch niet pap, dan laten wij de schoen net zo lang
staan, tot Sinterklaas wel komt", zegt Thomas. "Ja, dat is een goed
idee!" roept Jasper.
Thomas en
Jasper pakken ieder een vel papier en de viltstiften en gaan ijverig aan het
tekenen. Thomas maakt de pakjesboot, met allemaal Pieten eromheen. Jasper tekent
Sinterklaas op zijn schimmel. Als de jongens klaar zijn laten ze te tekeningen
trots aan hun ouders zien.
"Kijk eens papa en mama, hebben wij geen mooie tekeningen gemaakt?",
vragen de kinderen. Papa en mama vinden de tekeningen prachtig. "Kom"
zegt mama, "dan gaan we jullie schoenen klaar zetten". "Mam,
misschien kunnen wij het beter in onze regenlaarzen doen, want komt Sinterklaas
dan niet dan kunnen we die morgen laten staan", zegt Thomas. "Oké,
dat is een goed plan", zegt mama. En Thomas en Jasper pakken hun
regenlaarzen en zetten ze bij de achterdeur. Het huis van Thomas en Jasper heeft
geen schoorsteen, maar gelukkig zit er een luikje boven de achterdeur, zodat
Zwarte Piet wel binnen kan komen. Papa komt ook naar de achterdeur en heeft hooi
en wortels meegebracht. Thomas en Jasper rollen hun tekeningen op en stoppen
alles in hun laars. "Zo dan mogen jullie nog één Sinterklaas liedje
zingen", zegt mama. Samen beginnen Thomas en Jasper te zingen:
"Sinterklaas Kapoentje,
gooi wat in mijn schoentje,
gooi wat in mijn laarsje,
dank u Sinterklaasje".
"Dat is heel mooi gezongen, maar nu hup naar bed", zegt moeder. Thomas en Jasper gaan snel naar boven, als ze hun pyjama's aanhebben en hun tanden zijn gepoetst, komt papa ook naar boven. Samen stoppen papa en mama Thomas en Jasper in bed. Als papa en mama weer naar beneden gaan, kletsen Thomas en Jasper nog wat na over wat er die dag is gebeurd en dat ze natuurlijk hopen dat Sint en zijn Pieten vanavond langs komen. Toch vermoeid van de lange dag vallen ze al snel in slaap.
De volgende morgen is Jasper het eerst wakker, hij loopt snel naar het bed van Thomas en schud hem wakker. "Thomas, Thomas, wakker worden!" Thomas schiet overeind in zijn bed en is meteen wakker.
Samen lopen
ze snel naar beneden om bij hun laarzen te gaan kijken. "He, wat
raar", zegt Thomas met de laars in zijn hand, "deze is helemaal
leeg." "Goh", zegt ook Jasper verbaasd, "die van mij
ook!". "Maar dan is Sinterklaas wel geweest", zegt Thomas,
"er zit alleen niks in mijn laars!"
Jasper kijkt eens in het rond. "Kijk nou Thomas, ik zie daar voetstappen op
de vloer", zegt Jasper. En ze volgen het spoor, de grote voetstappen gaan
naar de keuken en voor de koelkast houden ze op. Thomas opent de koelkast en
.... daar staan in de koelkast een chocolade Piet en Sinterklaas op de bovenste
plank.
"Joepie", roepen Thomas en Jasper blij in koor. "Sinterklaas is toch geweest!" Papa en mama komen op het gejuich af. "Goedemorgen, wat is hier aan de hand", zegt papa. "Pap, mam, Sinterklaas is geweest en kijk eens wat wij hebben gekregen" En ze houden hun chocolade Piet en Sinterklaas omhoog. "Nou", zegt mama, "dat is boffen, maar waarom staat de koelkast open?" "Ik denk dat DeugnietPiet vannacht is geweest", zegt papa, "want de kaasdoos staat open en van de kaas is niet veel meer over. Hij heeft de chocolade figuren natuurlijk even in de koelkast gezet en is die van al dat smikkelen vergeten om in jullie laarzen te doen!"

De Sint en zijn Pieten zijn vanavond al heel druk geweest, ze zijn al bij honderd kinderen langs geweest om ze de pakjes te brengen. "Daar moet het zijn!", zegt Sinterklaas. Hij loopt samen met de oudste inpakpiet door de straat. "Pfff... Gelukkig," zucht Piet, "want deze zak is wel heel erg zwaar."
Eindelijk staan ze voor het huis van Liza. "Nou Piet," zegt de Sint. "Leg de pakjes maar bij de schoenen." Piet zoekt in zijn zakken naar zijn bril. Maar hij kan hem niet vinden. "Oh, oh," zucht Sint. "Ben je je bril vergeten? Nu kun je niet eens op de pakjes lezen, voor wie de pakjes zijn. Nou, dan moet ik het zelf maar even doen." De Sint voelt in alle zakken van zijn mantel. Maar ook hij kan zijn bril niet vinden. Er zit alleen een rammelaar in één van zijn zakken. Wat vreemd, denkt hij.
"Zeg Piet, ik heb hier een rammelaar, maar ook mijn bril is er niet! Inpakpiet, wat heb jij gedaan? Heb jij soms onze brillen ingepakt in plaats van deze rammelaar?" Piet schrikt zich een hoedje, O jee, denkt hij, de Sint kon wel eens gelijk hebben, hoe moet dit nou?
"Piet, hoe zit het met de andere pakjes?, ben jij je bril de hele avond al kwijt?" "Eh, ja Sinterklaas, ik durfde het niet te vertellen, maar ik ben mijn bril vergeten." "O, nee!," roept de Sint. "Dan is de kans groot dat er morgen een heleboel kinderen zijn die een verkeerd pakje krijgen. Het is maar goed dat wij de huizen van de kinderen goed kennen, dus de pakjes zullen wel in het goede huis zijn, maar ik ben bang in de verkeerde schoen. En er zal één kind zijn, die onze brillen krijgt." Laten wij eens even goed nadenken, voor wie was deze rammelaar bedoelt." Maar Sint en Inpakpiet, komen er niet uit! Het waren ook zoveel adressen waar ze geweest zijn en nu ze de brillen niet hebben, kunnen ze het ook niet nalezen in het grote boek!
"He, wat is er met jullie?" horen ze ineens achter
zich. Als ze zich omdraaien zien ze Leespiet staan. "O wat ben ik blij dat
jij hier bent Leespiet," zegt de Sint. "Inpakpiet heeft onze brillen
ingepakt, in plaats van deze rammelaar, nu kun jij mooi even in mijn grote boek
lezen, voor wie deze rammelaar moet zijn, dan kunnen wij nog snel onze brillen
ophalen en de rammelaar in de schoen van het kind leggen."
"Natuurlijk kan ik dat, geef het boek maar eens hier." En Leespiet
zoekt de naam van het kind die de rammelaar zou krijgen.
Ze moeten helemaal weer terug naar het allereerste huis waar ze
vandaag begonnen zijn. Ze moeten naar het huis van Bjorn. Die heeft namelijk nog
een heel klein broertje Victor en voor hem is die mooie rammelaar. "O, nee hé," zucht Inpakpiet, moet ik nou weer die zware zak meenemen".
"Nee," lacht Leespiet, "geef maar hier die pakjes doe ik wel even
bij Liza's huis in de schoenen, geef maar hier."
Even later komt Leespiet al weer terug en zijn de pakjes bij het huis van
Liza in de juiste schoenen gekomen. En samen lopen ze terug naar het huis
van Bjorn. Ook nu weer gaat Leespiet naar binnen om het pakje met de brillen om
te ruilen voor de rammelaar. Gelukkig hebben de Pieten altijd plakband bij zich,
zodat de brillen uitgepakt kunnen worden. Leespiet pakt snel de rammelaar in en
plakt het pakje weer dicht en legt het in het schoentje van de kleine Victor.
Zo nu is het tenminste toch nog goed gekomen, wel zullen er de volgende morgen heel veel kinderen zijn, die hun pakje in een andere schoen zullen vinden, maar dat maakt niks uit, want de kinderen zullen blij zijn dat de Sint en zijn Pieten toch langs zijn geweest.
Vlak voordat hij op reis moest ging Sinterklaas zijn spulletjes bij elkaar pakken en hij stond te piekeren wat hij allemaal mee moest nemen. "Eens even denken, m'n werkpak heb ik aan, m'n mooie pak moet mee, de mijter, m'n werkmijter heb ik ook op, m'n staf staat daar, en o ja, natuurlijk het grote boek". Sinterklaas pakte alle spullen, behalve het grote boek, want dat kon hij niet vinden. Hij zocht in alle hoeken en gaten en piekerde zich suf waar het gebleven kon zijn. "Waar is dat boek nou toch, gisteren heb ik het hier nog op mijn bureau zien liggen. Het kan toch niet weg zijn?"
Sinterklaas kreeg het er warm van. Hij wiste het zweet van zijn voorhoofd en riep Hoofdpiet bij zich. "Zeg Hoofdpiet, heb jij misschien het grote boek ergens anders neergelegd? Gisteren las het nog op mijn bureau, en nu kan ik het nergens meer vinden". "Nee Sinterklaas", antwoordde Hoofdpiet, "vanmorgen heb ik het nog bijgewerkt aan uw bureau.
Het nieuws ging als een lopend vuurtje door het kasteel. De Pieten fluisterden elkaar toe: "Heb je 't al gehoord? Het grote boek is zoek", iedereen kwam meehelpen om het grote boek terug te vinden. Er werd gezocht op zolder, in de kelder, in de gangkasten en in donkere hoekjes, overal. Maar het grote boek werd niet gevonden. Het was weg en het bleef weg.
De volgende morgen werd er bij het kasteel van Sinterklaas een grote envelop bezorgd. De Postpiet maakte hem open en haalde er een brief uit. Toen hij die nog maar half gelezen had liep hij rood aan en rende zonder te kloppen de kamer van Sinterklaas binnen. Hijgend hakkelde hij: "Sinterklaas, een brief over het grote boek." "Rustig maar, rustig maar", zei Sinterklaas, "Laat die brief maar eens zien". De Sint keek aandachtig naar het papier. Er stond: "Beste Sinterklaas, ik heb uw boek. Wilt u het terughebben, breng mij dan 1600 pepernoten. Brief volgt".
"Wel alle zwarte Pieten in een stoomboot! Dat heb ik nog
nooit meegemaakt!" riep Sinterklaas woedend uit. "Maar wat moeten we
nu doen?", vroeg de Hoofdpiet verdrietig. "Alle pepernoten zijn al
ingepakt, en tijd om nieuwe te bakken hebben we niet". "We zullen die
boef wel eens foppen", lachte Sinterklaas. "Pak eens een grote
zwartepietzak en vul die met kranten en kiezelstenen. Dan doen we net of dat
pepernoten zijn".
Zo gezegd zo gedaan en daarna was het wachten op de volgende brief. Die kwam 's
avonds laat. Plotseling lag-ie in de bus. Niemand had iets gemerkt, zelfs de
Opletpieten niet, die op de uitkijk stonden. Snel bracht de Postpiet de envelop
naar Sinterklaas. Die maakte de envelop open en las de brief voor: "Kom
morgen naar de brug bij de rivier en neem de pepernoten mee. Zet de zak midden
op de brug en loop door".
Sinterklaas besloot dat de Hoofdpiet met de zwartepietenzak naar
de brug zou gaan. De Hoofdpiet deed precies zoals geschreven stond in het
briefje: Hij zette de zak midden op de brug en liep door. Daarna verstopt hij
zich tussen de bosjes langs de rivier en wachtte op wat er zou gaan gebeuren.
Dat duurde niet lang, want wie zag hij daar stiekem onder de brug uitkomen? Het
was Deugnietpiet. "Ik had kunnen weten dat hij achter de hele zaak zou
zitten", dacht de Hoofdpiet. Hij holde naar de brug, greep de Deugnietpiet
in zijn kraag en bracht hem naar het kasteel.
Gelukkig was het grote boek nog heel. Maar toch kreeg de Deugnietpiet op z'n
donder, zoals de kinderen in Nederland nog nooit van hun ouders hadden gehad. En
voor straf mocht hij ook niet mee naar Nederland.
Gelukkig had Sinterklaas het grote boek terug, met alle aantekeningen over de
lieve en stoute kindertjes en hun verlanglijstjes. Sinterklaas was niet lang
meer boos en ging met een goed humeur op reis.
Alle Pieten
slapen..
dit verhaal is verzonnen door onze Ilse (6 jr) zelf.

Het is al helemaal donker en alle kinderen liggen lekker te slapen, als de Schoenpieten op weg gaan. Het is al de vijfde dag dat ze in Nederland zijn en ze gaan weer langs alle huizen waar de kinderen de schoen hebben gezet.
Heel druk zijn de Schoenpieten bezig, soms kunnen ze door een raampje naar binnen, een andere keer gebruiken ze de Sintcodesleutel, dit is een speciale sleutel, waar de Pieten een deur mee open kunnen maken en soms moeten ze heel hoog klimmen om bij de schoorsteen te komen of bij kinderen die in een flat wonen.
Vanavond is het wel een hele rare avond. Sint is in zijn kasteel
aan het werk. Van de Computerpiet heeft hij een heleboel uitgeprinte
verlanglijstjes gekregen en nu schrijft hij in zijn grote rode boek de wensen
van de kinderen achter hun namen.
Sint kijkt op van zijn werk, "hé, wat raar", denkt hij, "wat is
het rustig buiten!" Sint kijkt uit zijn raam en schrikt zich een hoedje.
"Wel alle pepernoten!", roept hij uit. "Waar zijn alle pieten, ik
zie geen Schoenpiet op de daken lopen! Ik moet maar eens gaan kijken wat er aan
de hand is", zegt Sinterklaas. Vlug belt hij de Stalpiet en vraagt;
"Stalpiet wil jij Americo even opzadelen, want ik wil even bij de
Schoenpieten gaan kijken." "Dat is goed Sinterklaas, als u naar
beneden komt staat Americo klaar", zegt een verbaasde Stalpiet.
Sinterklaas legt de hoorn van de telefoon neer en loopt naar de stal. Americo staat al klaar en Sint stijgt met behulp van de Stalpiet op. Al snel is Sinterklaas onderweg.
Maar Sint ziet ook geen Schoenpieten op straat lopen. Hij kijkt naar de daken en ... "alle speculaaspoppen, maar daar ligt een Piet in de schoorsteen te slapen!" roept de Sint verbaasd. En nu Sinterklaas heel goed rondkijkt in het donker, ziet hij overal Schoenpieten die liggen te slapen! Daar in de tuin ligt een Piet onder een struik en weer iets verder een Piet in een boom.
"Ach", denkt de Sint, "de Pieten zijn zo moe! Het is ook zo druk, er zijn ook zoveel kinderen in Nederland! Maar zo gaat het niet goed! Het is al bijna morgen en dan hebben de kinderen niks in hun schoen en liggen er overal Pieten te slapen."
Snel stijgt Sint af en loop naar één Schoenpiet die in de struiken ligt te slapen, hij schudt Piet wakker. Piet schrikt wakker en roept verbaasd; "Sssinterklaas! Wwat ddoet u hier!" "Nou Piet, ik werd ongerust, want ik zag jullie niet over de daken en op straat lopen en nu snap ik waarom... Jullie zijn allemaal in slaap gevallen!!! Kom snel Piet we moeten samen alle ander Schoenpieten wakker maken, maar wel zachtjes anders worden alle kinderen en grote mensen wakker".
"Oké, Sinterklaas", zegt Piet en samen gaan ze op weg.
Gelukkig zijn alle Schoenpieten snel wakker en kunnen nog heel veel schoenen
gevuld worden. Sinterklaas helpt ook snel mee, daardoor zijn ze net op tijd
klaar, want het is al bijna morgen als Sint en zijn Schoenpieten terug op het
kasteel zijn.
"Zo" zegt Sinterklaas "en nu maar vlug naar jullie bedden, zodat
jullie morgenavond wel weer fit zijn". Zo gezegd zo gedaan en Sinterklaas
gaat ook nog even slapen, niet te lang, want straks moet hij weer op pad met
Wegwijspiet en Hoofdpiet.
Sinterklaas
krijgt een kado
Dit verhaal is geschreven en getekend door Diana Klein
Velderman
mijn eigen prentenboek die ik tijdens mijn opleiding gemaakt heb.

Sinterklaas woont in een héél groot huis,d at
moet ook wel, want hij heeft heel veel Pieten. Achter de luiken van het huis zie
je Pieten en achter de deur staat Sinterklaas en hij vraagt of jullie binnen
willen komen.
"Gaan jullie mee om te kijken wat de Pieten doen?" "He, wat is
dat, wat staat daar: VERBODEN VOOR SINTERKLAAS, mag ik die kamer niet in? Zeg,
hoofdpiet weet jij hier iets van?", vraagt Sinterklaas. "Natuurlijk
Sinterklaas, maar dat ga ik u niet verklappen. u kunt beter bij de andere Pieten
gaan kijken", zegt de hoofdpiet dan. "Ja, ja, maar hoe weet ik dan of
alles goed gaat in de naaikamer?" "Daar kijk ik dan wel naar, u hoeft
zich nergens zorgen over te maken hoor", zegt de hoofdpiet. "Nou dan
ga ik maar verder," zegt Sinterklaas.
Waar Sinterklaas niet mag komen, mogen wij wel
even kijken, maar niks zeggen tegen Sinterklaas, hoor!
In die kamer zijn de naaipieten een nieuwe mantel en mijter voor de Sint aan het
maken. Die krijgt hij op zijn verjaardag van alle Pieten. Ze vinden het leuk om
Sinterklaas eens een kado te geven.
Sinterklaas is bij de pakjespieten aangekomen en kijkt hoever ze zijn met het inpakken. "Lukt het piet, heb je genoeg pakpapier?" "Ja, hoor Sinterklaas, er staan nog wat rollen pakpapier in de doos." "Prima piet, zeg weet jij wat de pieten in de naaikamer doen?" "Nee, Sinterklaas, dat weet ik niet." "Nou ja, jammer," zegt Sinterklaas, dan ga ik maar weer verder."
En Sinterklaas gaat naar de schoenpieten.
"Hallo Sinterklaas, ik heb weer een heleboel stro en wortels voor het
paard, uit de schoenen van de kinderen gehaald. En kijk eens ik heb ook mooie
tekeningen voor u. En brieven die kunt u in het grote rode boek plakken."
"Dank je wel schoenpiet, zeg weet jij wat de naaipieten aan het doen
zijn?" "Jawel Sinterklaas, ze zijn ... oh dat mag ik niet
vertellen."
"Dan zal ik maar naar de stal gaan," zegt Sinterklaas, "en het
eten naar het paard brengen."
"O, stalpiet de kraan lekt, wil je hem even dicht doen. En leg het stro maar bij de schimmel in de voerbak. Maar zachtjes, want het paard slaapt nog." En heel zachtjes doet piet wat Sinterklaas gezegd heeft en als hij klaar is gaan ze samen de stal uit.
Sinterklaas gaat naar zijn eigen kamer, waar hij eerst de tekeningen die hij van de kinderen heeft gekregen ophangt en schrijft daarna de verlanglijstjes van de kinderen in het rode boek, waar hij ook de brieven inplakt. Dan komt ineens Snelpiet binnen rennen. "Sinterklaas, sinterklaas! het paard is ziek!" "O, nee toch dat kan niet. Wat moet ik doen? Ga gauw naar Langbeen en zeg hem dat hij nu meteen naar de dokter in het dorp moet. Dan ga ik ondertussen naar het paard toe.
Snelpiet rent meteen naar de naaikamer. Daar staat Langbeen, hij is daar om de mantel voor Sinterklaas te passen. "Langbeen je moet direct naar de dokter om een drankje te halen voor het paard, want het paard is ziek en ligt op de grond." "Oh!", roept Langbeen, "het paard ziek, dan ga ik meteen weg". En heel hard rent Langbeen het huis uit. Hij vergeet dat hij de nieuwe mantel voor Sinterklaas nog aan heeft, o, o, als dat maar goed gaat!
En Langbeen rent en rent maar en neemt de kortste weg naar de dokter. Hij gaat niet over de brug, maar springt over de sloot. O jee, de mantel wordt helemaal nat en vies. En hij sprint over het prikkeldraad. Dat kan ik wel, denkt Langbeen, met mijn lange benen. Krrr, Krrrr, de mantel blijft achter het prikkeldraad hangen, maar Langbeen merkt het niet en rent hard door.
Dan komt Langbeen bij de het doktershuis. En hij
loopt de behandelkamer binnen. "Maar, maar wat is dat? Wie, wie bent
u?," vraagt de dokter. "Ik ben Langbeen en de schimmel van Sinterklaas
is ziek. En nu moet ik een drankje halen."
"En wat doe jij dan met die rare jurk aan, die helemaal vis en kapot
is?" En Langbeen kijkt naar de mantel. "O, o, dat is de nieuwe mantel
voor Sinterklaas, wat moet ik doen?"
"Hier piet neem dit drankje mee voor het paard en dan is hij zo weer beter.
En misschien dat de naaipieten en de waspiet iets voor je kunnen doen. Maar ga
nu maar gauw terug." "Ja, dank u wel dokter, tot ziens."
En zo hard als Langbeen lopen kan, rent hij naar
huis en meteen naar de stal, daar zijn Sinterklaas en de stalpiet ook. Langbeen
geeft het paard het drankje. Dan word het heel stil in de stal... En iedereen
kijkt naar de Schimmel. Heel voorzichtig gaat het paard staan...
"Hoera, hoera," roept de stalpiet en springt omhoog. "Gelukkig
wat ben ik blij pieten, dat mijn ouwe trouwe beestje al weer bijna beter
is." Ook Langbeen is blij, maar hij loopt heel stilletjes de stal uit.
En weten jullie waarnaar toe? Naar de keuken,
waar de waspiet aan het strijken is. Die schrikt zich een hoedje! "Maar
Langbeen wat heb jij gedaan?"
"Ik moest snel naar de dokter voor een drankje voor het paard. En toen is
de mantel vies geworden, omdat ik over de sloot sprong. En er zitten scheuren
in, omdat ik achter het prikkeldraad ben blijven haken. Ik kon er echt niks aan
doen," vertelt Langbeen.
"Nou, geef de mantel maar aan mij. Dan zal ik hem eerst in de wasmachine
doen en daarna breng ik hem naar de naaipieten en je zult zien dat het reuze mee
zal vallen, laat dat maar aan ons over."
En dan is het 6 december, de verjaardag van
Sinterklaas. Hij heeft al één pakje uitgepakt en daar zat een nieuwe mijter
in. Waar Sinterklaas reuze blij mee is. En wat zal er in het volgende pakje
zitten?
En weten jullie waar Langbeen is? Hij is in de slaapkamer, omdat hij een beetje
bang is dat Sinterklaas de gemaakte mantel niet mooi zal vinden.
Kijk
zo maar goed naar het plaatje, dan zien jullie hoe blij Sinterklaas is met zijn
nieuwe mantel en mijter. En hij is extra blij, want Americo is weer helemaal
beter en ze lopen samen met de hoofdpiet door de straat.
De kinderen vinden het heel fijn dat Sinterklaas bij hun is gekomen. En Langbeen
is al lang niet meer bang hoor!
Hij mocht van Sinterklaas naar het huis van de dokter, om daar een heleboel
kadootjes te brengen.
En zo is iedereen blij en vrolijk.
Tegen de kinderen zegt Sinterklaas: "Dag tot volgend jaar."
Sinterklaas snapt er niks van:

Het is begin november en Sinterklaas
zit in zijn werkkamer in Spanje, hij zit maar wat voorover gebogen achter zijn
bureau. Hij is wat verdrietig, want hij heeft nog bijna geen verlanglijstjes of
tekening van de kinderen gekregen. De telefoon rinkelt ook lang niet zo vaak en
op zijn computer krijgt hij ook geen mailtjes.
Sint snapt er niets van, want over 2 weken gaat hij naar Nederland toe. "Ik
denk dat de kinderen niet willen dat ik kom dit jaar", mompelt de Sint voor
zich uit. "Die paar verlanglijstjes die ik gekregen heb, kan ik wel aan
Schoenpiet meegeven.
Sint staat op en loopt door het grote kasteel, waar het ook al zo rustig is,
normaal lopen de Pieten snel door de gangen, van de ene naar de andere kamer en
hoort hij de Muziekpieten oefenen en ruikt hij de geur van speculaas van de
Bakpieten, maar nu niet. De Inpakpieten zitten om de inpaktafel en doen een
spelletje "Wie ben ik". Sint kijkt de kamer rond en ziet zelfs
Schrijfpiet die ook met het spelletje meedoet.
Sint loopt verder en komt bij de Gympieten, die druk aan het oefenen zijn.
"Stop, daar maar mee", zegt Sinterklaas, "want ik denk dat we
niet naar Nederland hoeven dit jaar". De Gympieten stoppen onmiddellijk met
gymmen en komen snel bij Sinterklaas staan. "Niet naar Nederland?"
vraagt één van de pieten, "maar Sint wat verteld u ons nu? En al die
kinderen dan in Nederland die op ons zitten te wachten?" "Ach",
zucht Sinterklaas bedroeft, "welke kinderen, ik heb nog maar 50
verlanglijstjes en 15 tekeningen gekregen. Dat kunnen onze Schoenpieten wel even
brengen op 5 december, dan hoeven wij niet allemaal naar Nederland."
"Maar Sinterklaas, gisteren
heeft de burgemeester van Raalte toch gebeld en gevraagd of wij willen
komen?" "Ja, dat zal wel zo wezen", zegt Sint, "maar Raalte
waar ligt dat nu helemaal, dat is vast zo'n klein plaatsje waar wij niet eens
met de stoomboot kunnen komen. Dat kan toch niet en voor die paar kinderen, die
daar wonen, varen we niet helemaal naar Nederland hoor! En dan zijn er ook nog
een paar pieten ziek". Verbaasd laat Sinterklaas de Gympieten achter en
loopt verdrietig naar zijn werkkamer terug. "De kinderen vinden mij vast te
oud of waren de kado's niet goed vorig jaar?" mompelt de Sint weer voor
zich uit.
Sint loopt naar zijn computerhoek. Hij zet zijn computer aan, maar wat is dat? Allemaal piepjes en dan niks te zien op het beeldscherm. "Ook dat nog!", zucht de Sint en hij belt naar Computerpiet. "Computerpiet kun je even komen kijken naar mijn computer, hij doet het niet goed". "Okido, ik kom er aan Sinterklaas", zegt Computerpiet. En ja hor nog geen minuut later komt Computerpiet aangesneld, ook heeft hij allerlei schijfjes en boekjes bij zich. "Wat moet je daar nu mee Piet, die ga je toch niet in mijn computer stoppen? vraagt Sinterklaas. "Oh Sint dat zin Cd-rom's en daarop staan programma's en in die boeken staat ook van alles over problemen met computers. "Ja, ja. al goed", zegt de Sint, "ga jij maar aan de gang ik zal je niet in de weg lopen, ik ga naar de stal en als je me zoekt ben ik bij Americo". "Goed Sinterklaas, ik ga mijn best doen", zegt Computerpiet.
Sint gaat de kamer uit en
Computerpiet loopt naar de computer, doet deze uit en weer aan. Computerpiet
begrijpt er ook niks van en krabt zich op zijn hoofd. "Wel alle
cd-rommetjes, hoe kan dat nou?, nu doet de computer helemaal niks meer! Ik zal
Technopiet er eens bijhalen".
En zo gezegd, zo gedaan. Technopiet is een hele slimme piet die alle apparaten
die stuk zijn weer kan maken. Computerpiet belt naar Technopiet en vraagt hem op
de werkkamer van Sint te komen. Natuurlijk komt Technopiet zo snel mogelijk. En
hij gaat meteen aan het werk nadat Computerpiet hem heeft verteld wat er aan de
hand is. Na 15 minuten heeft Technopiet het al in de gaten, de hoofdkabel van de
computer is tuk, gelukkig heeft hij altijd voorraad van kabels en stekkers, zo
ook voor de computer van Sint. Hij maakt de nieuwe kabel aan de computer en
Computerpiet zet de computer weer aan en ja hoor, alles doet het weer, alleen
... beginnen er nu lampjes te branden op het toetsenbord, "oh, oh,
Computerpiet, wat is het probleem nu?" vraagt Technopiet, "is het
toetsenbord nu ook stuk?" "Nee, hoor", zegt Computerpiet snel,
"dat is juist goed!" Technopiet snapt er niks van. "Goed?"
"Ja", zegt Computerpiet, dit verklaard alles, wat zal Sinterklaas blij
zijn! En nu ga ik gauw naar Sinterklaas, bedankt Piet". En Computerpiet
loopt snel naar de stallen. Technopiet begrijpt er geen stekkerdoos van, pakt
zijn spullen bij elkaar en gaat maar terug naar zijn werkplaats
Ondertussen is Computerpiet bij
de stallen aangekomen. "Sint, Sint, het komt allemaal goed!"
"Rustig Piet, Americo wordt wat zenuwachtig van jou," zet de Sint.
"Sinterklaas", zegt Computerpiet opgewonden, "uw computer kabel
was stuk, Technopiet heeft hem vervangen en nu doet hij het weer goed!"
"Dat is fijn, dan kan ik wat spelletjes doen op mijn computer", zegt
Sinterklaas rustig. "Nee!" zegt Computerpiet. "Wat nee",
zegt Sinterklaas, "ik heb toch niks anders te doen."
"O jawel Sinterklaas, want u heeft uw mailbox propvol met wel duizenden
mailtjes en het zal mij niks verbazen als daar ook een heleboel verlanglijstjes,
brieven en tekeningen bij zijn van kinderen uit Nederland!"
"O", zegt de Sint, "nu snap ik het, kom gauw naar mijn
werkkamer" En Sint loopt opgewekt door de gangen van zijn kasteel een
Sintliedje te neuriën. In zijn werkkamer gaat hij gauw achter de computer
zitten om de mailtjes te lezen en uit te printen. En Sinterklaas is nog nooit zo
hard aan het werk geweest, net als alle Pieten, want natuurlijk komt Sinterklaas
naar Nederland en ook naar Raalte!